Aan de waterkant

Het Nautisch Bezoekerscentrum Rupelstreek is een wegwijzer voor het toerisme in de streek.
Niet voor niets ligt het aan het water, langs een interessant wandel- en fietsnet en in de nabijheid van het populaire recreatiedomein De Schorre.

Laatste maritieme baken
Vroeger bestaande maritieme accommodatie langs de Rupelrivier is sinds de teloorgang van de steenbakkerij- en scheepsbouwnijverheid verdwenen.
Aanleg- en loskades werden afgebroken. In het kader van het Sigma-plan werden ze vervangen door hoge en solide dijken.
Killen die vroeger door de steenbakkerijen werden gebruikt om schepen te laden met baksteen of dakpannen en te lossen met steenkool uit het bekken van Charleroi werden gedempt. Ook de scheepswerven om de schepen te herstellen, verdwenen.



De waterkant herontdekt

Een kwarteeuw later is er kentering in zicht. De Rupel is niet langer een open riool.  Het water van Zenne wordt nu gezuiverd en daarmee wordt de 11 km lange Rupel een lange brede, goed bevaarbare rivier, een plezier om te bevaren. 
De Rupel is niet alleen zelf een zeer mooi landschappelijk gegeven, ze slingert zich door een overwegend landelijk landschap dat uitnodigt om te bezoeken.

Aan linkeroever hebben we het groene natuurgebied van Blaasveld en omgeving.  De rechteroever biedt zicht op  een cultuurlandschap dat enig is in de wereld: de door de klei-ontginning getekende Rupelstreek, die gelukkig nog een aantal industrieel archeologische restanten herbergt die de moeite waard zijn om te ontdekken.
De laatste jaren keert de streek zich ook terug naar de rivier. Mooi voorbeeld hiervan is wandelesplanade en het aanlegponton die voor de rede van Boom werden gebouwd. 

Boom kade

De  bouwsector speelt in op deze trend en realiseert nieuwe woningen, soms in oude pak- of werkhuizen, met uitzicht op de rivier.
De Kaai van Boom behoort tot dé voorbeelden waar een oud industriële omgeving werd omgebouwd tot een nieuw gebied met ruimte voor toerisme, recreatie, wonen en werken.

Beleef het water
Ook aan de doorvaartpassant biedt de Rupel mogelijkheden. Stroomopwaarts bevinden zich de historische steden  Mechelen en Lier.  Beide steden hebben hun infrastructuur en gastvrijheid voor de pleziervaart aanzienlijk gemoderniseerd. Stroomafwaarts kan je de steven wenden naar Antwerpen of kan je kiezen voor een verrukkelijke vaartocht door de Stille Waters van Klein-Brabant en Waasland.
Is het niet het mooiste of het meest bekende, dan toch zeker een onontgonnen toeristisch vaargebied van Vlaanderen !



Sinds mei 2004 werd de toegang van het kanaal Willebroek-Brussel terug opengemaakt.  Via de heropende sluis kan je nu van Boom langs het pittoreske Klein-Willebroek met idyllische jachthaven naar Brussel varen.
Omgekeerd kunnen de jachthavengebruikers nu gemakkelijk op de Rupel komen en hoeven ze niet meer om te varen via de Zeesluis in Hingene aan de Schelde.

Ook via het water is Boom dus een scharnierpunt in het alsmaar drukkere pleziervaartverkeer tussen alle windrichtingen. Niet vergeten dat men over de binnenwateren zonder grote problemen van Scandinavië naar de Middellandse Zee kan varen, of van de Noordzee naar de Zwarte zee.

Centrum van de binnenscheepsbouw
Dan is er nog het maritiem historische aspect.
De Rupelboorden zijn eeuwenlang belangrijk geweest voor de scheepsbouw.
Tot na WOII was de Rupelstreek, samen met Rupelmonde, het centrum waar binnenschepen op stapel werden gezet.

Scheepswerf

Zou het toeval zijn dat het vervoer over het water de jongste tijd meer en meer gewaardeerd wordt als alternatief voor het vervoer over de weg wegens dichtslibbende snelwegen?

Hoe dan ook, de plaatselijk gebouwde schepen werden niet zelden ingezet voor het vervoer van baksteen naar het binnenland, maar ook naar Antwerpen van waar ze verder verscheept werden naar het buitenland.
Na de grote Brand van Londen bracht een voortdurend pendelende vloot zeilschepen de Boomse Baksteen aan waarmee de hoofdstad van het grote Britse Imperium kon worden heropgebouwd.